Uit de schaduw
Normaal gesproken heeft een repetitiepianist een bijrol. Niet onbelangrijk, maar wel in de schaduw. Maar bij de SBK-uitvoering van Rossini’s Petite Messe Solennelle was er toch wel een hoofdrol voor begeleider Jan de Roos! Samen met accordeoniste Ellen Zijm verzorgde hij de instrumentale ondersteuning voor het 80 minuten durende stuk. Een geweldige prestatie: de vleugel en de accordeon waren af en toe subtiel en dan weer stevig ritmisch en konden prima op tegen het krachtige koorgeluid. Want ook dat hoort bij het beroemde stuk van Rossini: stevige inzetten bij het Gloria, het Credo en de vele ‘Amen’s’ – als onderstreping van de boodschap: zo is het!
De Italiaanse componist Rossini was al 71 toen hij zijn eerste mis schreef in opdracht van een Franse edelman. Met al zijn ervaring op operagebied en uiteraard met gebruikmaking van de bekende ingrediënten die in zo’n mis thuishoren, wist hij een heel fris en verrassend stuk te componeren. Of het bescheidenheid was of ook een beetje ironie – we weten het niet echt – maar hij leverde het stuk af als ‘Plechtig Misje’. En dat je daarmee ruim160 jaar later een volle kerk trekt op een vrijdagavond in het voorjaar in Ommen, ja, dat kon Rossini niet weten.
Het Sallands Bachkoor leverde onder leiding van Leendert Runia een mooie prestatie door dit geliefde stuk weer eens ten gehore te brengen. Niet meer met 80 leden, zoals eertijds wel eens, maar kwalitatief zeker niet minder. Ondersteund door vier jonge solisten die elk afzonderlijk overtuigden met prachtige aria’s maar ook gezamenlijk een mooi aandeel hadden: Meike Wijma, Marijke Beute, Mattijs Hoogendijk en Roele Kok komen vast nog eens terug. Wat opvalt in het stuk van Rossini is dat de solisten juist de kernteksten in de mis als het ware overnemen van het koor. Waaruit toch ook blijkt dat Gioacchino Rossini niet alleen een muzikaal genie was, maar ook dat hij blijkbaar een diep inzicht had in de betekenis van de voorgeschreven onderdelen. Want als al tientallen componisten jou voorgegaan zijn met credo’s en benedictimussen, hoe origineel kun je dan nog zijn? Rossini pakte de eeuwenoude tekst van de geloofsbelijdenis van Nicea en maakte er qua tekst en muziek een prachtige eenheid van. Knap hoor! Misschien is het wel een voorrecht voor een koor om dat te mogen of te kunnen zingen!
Bedankt SBK!
Martinus Bos
Op zaterdag 31 oktober 2026 staan twee heel verschillende muziekstukken op het programma: de Sint Joris Mis van Herman Finkers, en het overbekende Requiem van Wolfgang Amadeus Mozart.
De mis van Finkers die hij schreef voor zijn huwelijk; het requiem schreef Mozart op zijn sterfbed. Het zou zijn laatste werk worden.
Het Sallands Bachkoor voert beide werken op één avond uit in de Grote Kerk van Dalfsen.
Een terugblik op het concert van Britten en Mozart
Lijden en medelijden
– van Mozart tot Britten –
Het Sallands Bachkoor liet zich weer van een verrassende kant zien en horen door op één avond zowel Britten als Mozart te programmeren. En toch paste het uitstekend bij elkaar!
Wie was Benjamin Britten ook alweer? Misschien kennen we hem nog van een muziekles op de middelbare school waar zijn ‘The young person’s guide to the orchestra’ werd gebruikt om je vertrouwd te maken met een symfonieorkest. Gelukkig had het SBK zijn eigen ‘guide to the orchestra’ in de persoon van dirigent Leendert Runia die voorafgaand aan de uitvoering van de ‘Cantata Misericordia’ van Britten het verhaal even met het publiek doornam en – op uitstekende manier – met hulp van koor en orkest een paar details uitlichtte. Voor wie de muziek niet kende, was dat heel behulpzaam!
De Engelse componist Britten (20e eeuw!) schreef zijn ‘cantate over het medelijden’ op basis van het verhaal van de barmhartige Samaritaan, waarin afwisselend het koor en de beide jonge solisten de dramatische gelijkenis vertolken. Tenor Erik Slik en bas Roele Kok deden dat met overtuiging. Het koor als verteller en tegelijk boodschapper waarschuwt de argeloze reiziger: ‘Cave, viator, cave!’ Pas op! We weten allemaal hoe het afloopt: gelukkig ontfermt een passerende Samaritaan zich over de gewonde reiziger. Het publiek wordt aan het eind subtiel toegezongen: Ga en doe jij evenzo. Heel knap hoe het koor de ingewikkelde muziek tot een geweldig einde bracht: alle respect voor het hoge niveau dat het SBK al zo veel jaren laat zien. Daar hielpen de musici van het Nationaal Symfonisch Kamerorkest natuurlijk aan mee. De muziek van Benjamin Britten ondersteunt de tekst en andersom evenzo: wie een beetje opgelet had bij de introductie door de dirigent kon dat heel goed meemaken.
Het koor was nog niet aan het eind van zijn Latijn, want na de pauze werd het publiek in ‘De Antenne’ nog getrakteerd op een tweetal stukken van Wolfgang Amadeus Mozart, waaraan naast de mannelijke solisten ook Marijke Beute en Meike Wijma meewerkten.
Het werk van Mozart is twee eeuwen ouder, en ook iets bekender, maar ook nog steeds krachtig en levendig voor 21e-eeuwse oren. De ‘Litaniae Lauretanae’, een gebed in de vorm van een treurzang klonk zeker niet treurig en vooral het laatste deel, het Agnus Dei – Lam Gods –, werd indrukwekkend mooi vertolkt door de sopraan Meike Wijma.
En als daarna het koor het mooie Kyrie als begin van de ‘Krönungsmesse’ aanheft (krachtige inzet!), dan weten de SBK-zangers als vanouds het publiek te raken. Alle vaste onderdelen van zo’n mis doen iets met de luisteraar: het Credo, het Sanctus, het Benedictus, zetten je weer op het juiste spoor. De menselijke stem, prachtige instrumenten, en een heleboel inzet in voorbereiding en repetitietijd, laten zo veel mensen meegenieten. Daar gewoon weer live getuige van mogen zijn – daar kan geen cd’tje tegenop…